10.1 Adviezen van de Stuurgroep Eetstoornissen Nederland

Vorige artikel Volgende artikel

Veel aanbevelingen in deze richtlijn kunnen alleen in de praktijk worden toegepast als is voldaan aan een aantal voorwaarden met betrekking tot de organisatie van de zorg. Goede afspraken en communicatie tussen alle betrokken hulpverleners is onontbeerlijk, zodat duidelijk is wie verantwoordelijk is voor de somatische diagnostiek en behandeling.
De klinische behandeling van eetstoornissen in Nederland varieert momenteel van behandeling op algemene somatische afdelingen waar psychiatrische consultatie mogelijk is, tot opname in gespecialiseerde psychiatrische klinieken waar somatische consultatie voorhanden is. Kinderen worden meestal opgenomen op kinderafdelingen van algemene ziekenhuizen waar lang niet altijd de mogelijkheid van kinderpsychiatrische consultatie aanwezig is. Dergelijke lokale variabelen moeten in de besluitvorming betrokken worden.
Aangezien veel patiënten met eetstoornissen gedurende jaren in behandeling zijn, zullen zij vaak van primaire naar secundaire en tertiaire zorg overgaan. Deze grensovergangen zullen zorgvuldig en effectief bewaakt moeten om de continuïteit van de zorg niet in gevaar te brengen. Hetzelfde geldt voor de overgang van het somatische naar het psychiatrische behandelcircuit en de overgang van de kinderpsychiatrie naar de volwassenenpsychiatrie. Bij al deze overgangen kunnen regionale protocollen en afspraken waarin de communicatielijnen en verantwoordelijkheden beschreven staan behulpzaam zijn.
In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de adviezen van de Stuurgroep Eetstoornissen Nederland en van de aanbevelingen die door de werkgroep zijn geformuleerd met het oog op verbetering van de organisatie van de zorg. Omdat dit niet is gebaseerd op wetenschappelijke onderbouwing is de vormgeving van dit hoofdstuk afwijkend van de voorgaande hoofdstukken.

 

10.1 Adviezen van de Stuurgroep Eetstoornissen Nederland

De Stuurgroep Eetstoornissen Nederland heeft in 1998 een advies uitgebracht, waarin over de organisatie van de zorg de volgende punten zijn aangegeven.

  • De behandeling van patiënten met een eetstoornis vereist een specifieke deskundigheid. Door het relatief geringe aantal patiënten, krijgt niet elke behandelaar voldoende ervaring op dit gebied. Hierdoor kan de behandeling aan kwaliteit inboeten en/of meer tijd vergen, wat tot een hogere kans op recidive van de eetstoornis en tot hogere kosten leidt. Het bundelen van de kennis en ervaring in centra met een gespecialiseerde behandeling levert een toename van de kwaliteit en een besparing van de kosten van de behandeling op. Niet elke hulpverlener kan de benodigde gespecialiseerde behandeling uitvoeren. Wel zal elke hulpverlener voldoende kennis over de stoornis moeten hebben voor een goede signaleringsfunctie, snelle herkenning en adequate verwijzing.
  • Gespecialiseerde centra dienen poliklinische, dagklinische en klinische capaciteit beschikbaar te stellen ten behoeve van de behandeling van patiënten in homogene groepen. Er dient sprake te zijn van een specifiek op de behandeling van patiënten met een eetstoornis gericht multimodaal behandelprogramma. Daarbij dient het behandelteam multidisciplinair te zijn samengesteld en is een zeer ruime kennis, ervaring en affiniteit met het behandelen van patiënten met een eetstoornis in het gehele team vereist.
  • Een topreferentcentrum dient, evenals een gespecialiseerd centrum, poliklinische, dagklinische en klinische capaciteit beschikbaar te stellen ten behoeve van de behandeling van patiënten in homogene groepen. Daarnaast dient een topreferentcentrum te kunnen beschikken over speciale voorzieningen, bijvoorbeeld voor patienten met ernstige comorbiditeit, mogelijkheden voor crisisinterventie, en een behandelprogramma dat is aangepast aan de beperkingen van de groep patiënten met ernstige problematiek. Als toegevoegde taken, ten aanzien van het gespecialiseerde centrum, gelden de coördinatie van het overleg tussen de centra met gespecialiseerde behandeling, en het onderhouden van geformaliseerde afspraken over wetenschappelijk onderzoek, opleiding en consultatie met een academisch centrum.
  • Een belangrijk knelpunt in de organisatie van zorg bij eetstoornissen is de strikte scheiding van de psychiatrische zorg voor kinderen en jongeren enerzijds en volwassenen anderzijds. Deze scheiding kan de continuïteit van behandeling bij eetstoornissen belemmeren.

     

     

  •